Tips voor het schrijven van je eerste zin

Elk boek, elke thesis, en elke schrijfopdracht heeft een eerste zin. Dat klinkt logisch, toch? Eén zin moet de eerste van je hele scriptie zijn. Maar hoe logisch het ook klinkt, die eerste zin wordt vaak alles behalve vanzelfsprekend als je hem daadwerkelijk moet opschrijven. Je kunt er weken over piekeren en helemaal in de stress schieten. De vraag is dus: hoe ga je in ‘s hemelsnaam beginnen?

Het is belangrijk om te beseffen dat je niet de enige bent die met dit probleem zit. Zeg maar gerust dat eigenlijk elke auteur hiermee te maken krijgt. Het is gewoon deel van het schrijfproces om de eerste zin niet op papier te kunnen krijgen. Geen paniek dus! Hieronder volgen tien tips voor het schrijven van je eerste zin.

1. Durf een beslissing te nemen

Wat het vaak moeilijk maakt om te beginnen, is het gevoel dat je vóór de eerste zin eigenlijk al iets anders moet hebben gezegd; maar voordat je dit kunt zeggen, moet je eigenlijk wéér iets anders hebben gezegd, enzovoort. Je begint te denken dat je eigenlijk twee, nee: drie, nee: honderd dingen tegelijk moet zeggen. Vaak is dat een gevolg van onvoldoende focus en van de vrees om je vast te moeten leggen. Het helpt dan om bewust een beslissing te nemen over het hoofdargument van je tekst. Als je weet wat dat gaat zijn, wordt het makkelijker om dit vervolgens in je eerste zin in duidelijke bewoordingen te schetsen.

2. Begin niet met de eerste zin

Bij het schrijven van boeken is de inleiding vaak het laatste wat je schrijft. Dat kan ook voor de eerste zin gelden. Het kan helpen als je met een zin begint waarvan je niet denkt dat hij de eerste zal zijn, omdat dit de druk wegneemt die op zo’n zin rust. Je zult zien dat een zin veel makkelijker op te schrijven valt als je er niet te hoge eisen aan stelt.

3. Herschrijf gerust 

De eerste versie van een zin hoeft niet de definitieve te zijn. Je mag de zin altijd wissen en opnieuw opschrijven. Een bekende hoogleraar vertelde een keer dat hij over het algemeen vijf tot tien versies van een tekst schrijft voordat hij bij de uiteindelijke versie is. Dat geldt natuurlijk ook voor de eerste zin.

4. Stel je de lezer voor

Stel je een potentiële lezer van je stuk voor (maar niet je beoordelaar). Deze lezer probeer je bij de hand te nemen en je stuk binnen te leiden. Wat verleidt deze lezer om je stuk binnen te stappen? Pak eens een paar boeken uit de kast en bekijk de eerste zin: vaak is deze prikkelend en kort.

5. Speedwriting

Een lege bladzijde kan behoorlijk intimiderend zijn – het laat je zien wat er allemaal nog níét staat. Je kunt de vrees hiervoor doorbreken door middel van speed writing. Dat is een oefening waarbij je een leeg document opent en erin schrijft zonder te stoppen. De tekst kan daadwerkelijk de tekst zijn die je moet schrijven, ook al is hij nog heel cru en ondoordacht; het kan ook iets heel anders zijn (bijvoorbeeld: “Ik weet niet wat ik moet opschrijven!”). Wat je ook opschrijft, het is belangrijk dat je niet stopt. Zet jezelf een limiet, bijvoorbeeld een tijdslimiet van 10 minuten, of een bepaalde hoeveelheid tekst. Je kunt je zelfs als doel stellen het hele hoofdstuk, of zelfs het hele boek, binnen een uur af te schrijven. Dat wordt dan natuurlijk een kort hoofdstuk, en een nog korter boek – relatief gezien. Maar het mooie is dat het niet ‘af’ hoeft te zijn, en deze gedachte alleen al helpt je om er überhaupt aan te kunnen beginnen. Het gaat er bij deze oefening om je vingers in beweging te houden, want dat is uiteindelijk de enige manier om woorden op papier te brengen.

6. Boei!

Schrijf een boeiende eerste zin. Probeer de lezer meteen te pakken, maak haar nieuwsgierig. Waarom is jouw onderwerp zo interessant?

7. Jij

Blijf bij jezelf. Als jij je eerste zin echt boeiend vindt, is de kans groot dat je lezer dat ook vindt.

8. Publiek

Let tegelijkertijd op je publiek. Probeer je in te leven in je lezer. Een academisch publiek zal andere zaken boeiend vinden dan een niet-academisch publiek.

9. Lengte

Maak je eerste zin niet te lang. Je lezer zal afhaken als hij meteen door een zin van vijf regels heen moet ploegen.

10. Duidelijkheid

Houd het duidelijk. Schets de essentie van je tekst, maar probeer niet je hele boek of thesis samen te vatten in de eerste zin.

Blijf je ondanks deze tips vastlopen in je schrijfproces? Kom dan eens kennismaken, dan kijken we samen hoe we je verder kunnen helpen!

ARCHIEF