Tips voor het omgaan met je scriptiebegeleider

Tijdens je afstudeerperiode kan je scriptiebegeleider je beste vriend of je ergste vijand zijn. Sommige docenten hebben een engelengeduld, helpen je altijd, staan voor je klaar met uitleg en koffie als je wilt sparren: andere begeleiders lijken er wel genoegen in te scheppen om studenten te zien lijden. De meeste begeleiders zitten ergens tussen die twee extremen in – ze zijn, kortom, gewoon menselijk. Wat in elk geval helpt is om je begeleider niet te irriteren, maar zo veel mogelijk goede feedback van hem of haar te vragen.

Hoe irriteer ik mijn scriptiebegeleider?

  1. Stuur werk op dat maar half af is, zodat de begeleider niet weet wat er nagekeken moet worden en alleen maar let op wat er nog níet af is.
  2. Stuur een stuk vol taal- en spelfouten.
  3. Mail hem of haar op rare momenten van de dag – de meeste begeleiders schrikken als je hen om vier uur ‘s nachts mailt. Ze vragen zich dan af of je wel gezond bezig bent.
  4. Kom afspraken niet na, kom niet opdagen, en negeer zijn of haar e-mails.
  5. Overvraag je begeleider voor elk klein puntje.

Hoe heb ik juist het meeste aan mijn scriptiebegeleider?

  1. Maak vaste afspraken over wanneer je wat af hebt en stuur dan ook een volledig hoofdstuk dat aan alle richtlijnen voldoet.
  2. Zorg ervoor dat een tweede paar ogen je tekst heeft nagekeken voor je iets stuurt. Let ook op spelfouten in je e-mails!
  3. Mail je begeleider op vaste momenten om mee te delen wat je van hem of haar verwacht. Bijvoorbeeld: elke maandag een FYI (for your information) waarin je de voortgang beschrijft. Zet er dan expliciet in dat je geen antwoord hoeft!
  4. Maak een vaste serie afspraken, houd je aan die afspraken, en mail na elke afspraak (ook telefonische) een gespreksverslag, zodat je zeker weet dat jij en de docent elkaar goed hebben begrepen.
  5. Bewaar je grotere vragen voor de persoonlijke afspraken met hem of haar. Zorg er ook voor dat je een stuk dat je wilt bespreken minstens 24 uur van te voren mailt (en zeker vóór het weekend!) Kleine dingen, zoals hoe je in de APA-stijl verwijst naar een artikel met meerdere auteurs, zoek je zelf op!

ARCHIEF