Geen significante resultaten, toch je scriptie schrijven? Dat doe je zo!

Wanneer studenten zien dat hun onderzoek niet tot significante resultaten leidt, zijn ze al snel geneigd te denken: ‘Nu is mijn onderzoek mislukt; nu kan ik niet afstuderen en moet ik opnieuw beginnen!’ Maar dat is onterecht. Het kan namelijk wel! Bij Studiemeesters hebben we veel studenten geholpen af te studeren ondanks het uitblijven van significante onderzoeksresultaten. We geven je de volgende tips om verder te komen:

1. Wanhoop niet, want het komt vaak voor

Meer dan de helft van de scripties heeft geen significante resultaten. Wanneer je aan een onderzoek begint, weet je nooit of er iets significants uit komt of niet. Onderzoek wordt bijna alleen gepubliceerd wanneer er significante resultaten zijn. De rest verdwijnt, om het oneerbiedig te zeggen, in een bureaulade. Bijgevolg zullen de onderzoeken die je tijdens je studie hebt gelezen vrijwel allemaal significante resultaten bevatten. Ook scriptiehandleidingen leggen meestal alleen uit hoe je significante resultaten rapporteert. Hierdoor kun je onterecht denken dat onderzoek altijd significante resultaten oplevert. In de praktijk blijkt echter dat dit in meer dan de helft van de gevallen niet zo is. Ook bij datasets die door docenten worden aangeleverd en die helemaal kloppen, kan dit gebeuren. Je begeleider weet dit en zal er dan ook niet raar van opkijken als je geen significante resultaten kunt vinden.

2. Breng je scriptiebegeleider op de hoogte

Dit is de eerste praktische tip die we studenten geven die bij Studiemeesters aankloppen voor hulp wanneer ze geen significante resultaten hebben: breng je begeleider op de hoogte. Stuur de onderzoeksdata en output mee en vraag hem of haar te controleren of je geen fout in de statistiek hebt gemaakt. Waarschijnlijk is dit niet zo, maar op deze manier heb je die mogelijkheid zeker uitgesloten. En dan kun je door naar de volgende stap.

3. Focus op het doel van een scriptie

Het doel van het schrijven van een scriptie is dat je laat zien dat je onderzoek kunt doen. Het doel is niet dat je significante resultaten laat zien. Houd dit in je achterhoofd. Om tot niet-significante resultaten te komen heb je, als het goed is, dezelfde stappen ondernomen die ook significante resultaten hadden kunnen opleveren. Wanneer je deze stappen goed rapporteert, laat je zien dat je onderzoek kunt doen en daar kun je mee afstuderen.

4. Verklaar waarom er geen significante resultaten zijn

Bij onderzoek met significante resultaten doe je vaak het volgende: Je hebt een theorie, je formuleert een hypothese en onderzoeksvragen vanuit die theorie, en vervolgens gebruik je je resultaten om die theorie te onderbouwen. In het kort gezegd wordt je eindconclusie: ‘Mijn resultaten ondersteunen de theorie.’ PUNT.

Wanneer jouw resultaten niet overeenkomen met de theorie, moet je uitleggen waarom dit zo is. Dit vergt denk- en uitzoekwerk en een duik in oude én nieuwe literatuur. Soms kan een verklaring gevonden in andere (deels) vergelijkbare onderzoeken, maar vaak ligt de oorzaak in de beperkingen van je eigen onderzoek: het aantal deelnemers was niet groot genoeg, de proefpersonen waren ‘biased’ (bijvoorbeeld omdat je alleen je vrienden hebt gevraagd), of de deelnemers kwamen uit een bepaalde omgeving, zodat je geen aselecte steekproef van de populatie hebt genomen. Overleg, om onnodig uitzoekwerk te voorkomen, altijd met je docent hoe uitgebreid je verklaring moet zijn.

5. Je bent niet terug bij af

Wanneer je geen significante resultaten hebt, ga je op zoek naar informatie die helpt te verklaren waaróm dat niet zo is. Vaak ga je hiervoor opnieuw bronnen zoeken. Voor veel studenten voelt dit als terug bij af, maar dat klopt niet. Voor de lengte van je conclusie en discussie, en ook voor het uitzoekwerk, maakt het niet uit of je significante resultaten hebt of niet. Heb je significante resultaten, dan zoek je extra informatie om ze verder te duiden. Heb je die niet, dan zoek je informatie die helpt te verklaren waarom dat niet zo is. Het komt in principe op hetzelfde neer. Onder de streep heb je in beide gevallen dus evenveel werk moeten verrichten!

ARCHIEF