Structuur aanbrengen in je scriptie

Tijdens het schrijven verlies je gemakkelijk het overzicht. In deze blog wordt uitgelegd hoe je een duidelijke structuur in je scriptie aanbrengt. We bespreken de structuur van groot naar klein, van het gebruik van een hoofdstuk naar een enkele zin.

Hoofdstukken

Aanwijzingen over de indeling van je hoofdstukken vind je vaak terug in je scriptiehandleiding. Tip: print de scriptiehandleiding uit, lees hem goed door en stop hem in je tas. Hier kun je altijd op terugvallen als je geen goed overzicht meer hebt. Aanvullende informatie over mogelijke hoofdstukindelingen vind je in scripties van studiegenoten, via scriptiebanken, en in onze blogpost over de structuur van de hbo-scriptie.

Op basis van deze informatie bedenk je welke hoofdstukken jij nodig hebt en maak je een inhoudsopgave (table of contents). Ook al weet je niet precies hoe je elk hoofdstuk gaat noemen of wat de precieze inhoud wordt, een duidelijke inhoudsopgave helpt het overzicht te houden. Op YouTube staan verschillende filmpjes die in een paar minuten laten zien hoe je in Word een goede inhoudsopgave maakt.

Paragrafen

Een hoofdstuk bestaat doorgaans uit meerdere paragrafen. Het methodologie-hoofdstuk bestaat bijvoorbeeld meestal uit een paragraaf over de verschillende onderzoeksmethoden en een paragraaf over betrouwbaarheid en validiteit. Neem ook deze paragrafen op in je inhoudsopgave, want dan kun je met een klik op de (muis)knop van hier naar de juiste paragraaf springen.

Essentieel bij het goed gebruiken van paragrafen is de volgorde. Probeer na te denken over de vraag waarom bepaalde paragrafen eerst komen en andere later. Voornamelijk bij het theoretisch kader en de besprekingen van je onderzoeksresultaten is de volgorde van de paragrafen erg belangrijk. Waarom komt het ene theoretische concept voor het andere? Zouden ze ook omgedraaid kunnen worden?

Alinea’s

Een paragraaf bestaat uit meerdere alinea’s. De inleiding, bijvoorbeeld, beslaat doorgaans vier tot zes alinea’s. Het aantal zinnen per alinea verschilt vaak per auteur, maar een waslijst aan ‘eenzinsalinea’s’ is niet mooi. Daarentegen is een hele pagina zonder onderbreking ook niet erg fraai. Over het algemeen bevat een alinea tussen de vier en acht zinnen. Probeer je in één alinea te beperken tot één onderwerp. Als je er twee behandelt, probeer dan ook beide onderwerpen in één duidelijke eerste zin te noemen. Lukt dat niet, dan kun je erover denken om toch maar twee afzonderlijke alinea’s te gebruiken.

Zinnen

De eerste zin van een alinea wordt ook wel een key sentence genoemd. In deze zin (de belangrijkste van een alinea) beschrijf je de kerngedachte van de alinea. Neem bijvoorbeeld de volgende key sentence: ‘Morgen wordt een mooie dag.’ Hoe deze dag er precies uit gaat zien wordt in de alinea verder uitgewerkt: daarin wordt verteld over de geringe hoeveelheid wind en wolken en de uitbundige zonneschijn die voor morgen verwacht wordt.

De overige zinnen van de alinea dienen dus ter verduidelijking van de eerste zin. De middelste zinnen kunnen het punt aansterken, verduidelijken, uitleggen, illustreren, etc. De laatste, afsluitende zin kan zowel een slot zijn van deze alinea als een bruggetje naar de volgende. Net als bij de volgorde van de paragrafen in je hoofdstuk probeer je ook na te denken over de volgorde van de zinnen in je alinea. Ga na welke zinnen ter verduidelijking dienen en welke ter afronding.

Van zinnen terug naar hoofdstukken

Dankzij het gebruik van de key sentence wordt duidelijk wat je wilt bespreken in een alinea. De key sentences van meerdere alinea’s tonen de structuur van een paragraaf. In het geval van deze blog zou je het volgende overzicht krijgen:

  1. Aanwijzingen over de indeling van je hoofdstukken vind je vaak terug in je scriptiehandleiding.
  2. Op basis van deze informatie bedenk je welke hoofdstukken jij nodig hebt en maak je een inhoudsopgave.
  3. Een hoofdstuk bestaat doorgaans uit meerdere paragrafen.
  4. Essentieel bij het goed gebruiken van paragrafen is de volgorde.
  5. Een paragraaf bestaat uit meerdere alinea’s.
  6. De eerste zin van een alinea wordt ook wel een key sentence genoemd.
  7. De overige zinnen van de alinea dienen ter verduidelijking van de eerste zin.
  8. Dankzij het gebruik van de key sentence wordt duidelijk wat je wilt bespreken in een alinea.

Door het uitschrijven van de key sentences is er nu een duidelijk overzicht (en samenvatting) van de hele blog ontstaan. Als je tijdens het schrijven van je scriptie door de bomen het bos niet meer ziet, open dan een nieuw document en kopieer daar alle key sentences van de paragraaf in. Zo schrijf je van zin, naar alinea, naar paragraaf en uiteindelijk weer terug naar je hoofdstuk.

Succes met het schrijven!


Zonder vertraging een goede scriptie schrijven? Dat kan! Studiemeesters helpt studenten vooruit. Met onze begeleiding studeer je sneller, beter en relaxter. Wie wij zijn en wat we precies doen? Dat lees je hier.

ARCHIEF