Zo schrijf je de Discussie en/of Reflectie van je scriptie

Je scriptie staat op papier. Je hebt alles gedaan: je hebt de data geanalyseerd en hebt op basis daarvan conclusies en aanbevelingen geschreven. En dan moet je – o ja! – ook nog een hoofdstuk Discussie en/of Reflectie schrijven. Wat moet daarin komen te staan? Wat is het verschil tussen Discussie en Reflectie? En hoe belangrijk is dat hoofdstuk?

Het is belangrijk!

Laten we maar meteen met dat laatste beginnen: het is belangrijk! Waarom? Omdat je in de Discussie en Reflectie kritisch terugkijkt op je onderzoek en vooruitblikt op wat de resultaten kunnen opleveren. Met dit onderdeel laat je zien dat je weet hoe goed onderzoek eruitziet, zou moeten zien, had moeten zien… Het mooiste zou zijn als je je hiervan al bewust bent tijdens het schrijven van je scriptie en, al was het maar kort, alvast notities maakt: ‘Dit had ik anders moeten aanpakken’, ‘Hier moet ik later op terugkomen’. Het voordeel daarvan is dat je er aan het eind van je scriptie, wanneer de meeste studenten onder tijdsdruk komen te staan, niet meer al te lang over na hoeft te denken. Begin daarom tijdens het schrijven van je scriptie ook dit onderdeel al voor te bereiden.

Wat houdt het in?

De termen ‘discussie’ en ‘reflectie’ worden wel eens door elkaar gebruikt. Dit komt omdat het in beide gevallen om een vorm van terugkijken gaat. Je kunt op twee dingen terugkijken:

  1. het onderzoek dat je hebt gedaan – dit wordt meestal de ‘discussie’ genoemd;
  2. datgene wat je hebt geleerd van het hele scriptieproces – dit heet meestal de ‘reflectie’.

Sommige opleidingen vragen alleen om het eerste, terwijl je bij andere beide onderdelen moet behandelen.

Terugkijken op het onderzoek dat je gedaan hebt:

Hierbij gaat het vooral om een kritische blik op je eigen onderzoek: hoe zou ik het een volgende keer doen? Als ik het over kon doen, wat zou het onderzoek dan beter hebben kunnen maken? Dit heeft allemaal te maken met de validiteit van je onderzoek. Heb je nu daadwerkelijk gemeten wat je wilde meten? Had je andere onderzoeksmethoden kunnen gebruiken, bijvoorbeeld een tweede enquête of meer documentenonderzoek? Had je een andere populatie kunnen kiezen, bijvoorbeeld andere medewerkers, meer medewerkers, experts? Had je ze via andere kanalen kunnen benaderen? Probeer te bepalen wat deze andere benaderingen aan toegevoegde waarde voor je onderzoek zouden opleveren.

Ook kan je theoretisch kader hier aan de orde komen. Door voortschrijdend inzicht besef je nu misschien dat bepaalde modellen of theorieën toch niet helemaal relevant waren. Het kan ook zijn dat je onderzoek iets heeft opgeleverd wat in de theorie onvoldoende naar voren komt. Mogelijk kom je tot de conclusie dat je onderzoeksvragen niet goed geformuleerd waren: benoem dat dan ook en moffel het niet weg in de hoop dat niemand het opmerkt.

Ga niet je eigen onderzoek afkraken, maar wees, op een realistische manier, positief kritisch! Zo kun je bijvoorbeeld in plaats van te stellen dat je te weinig respondenten hebt gehad om tot een betrouwbaar resultaat te komen, ook zeggen dat ondanks het beperkte aantal respondenten de antwoorden die je hebt wel een indicatie vormen voor de beoogde doelstelling van je onderzoek. Leiden je resultaten tot interessante mogelijkheden voor vervolgonderzoek, dan is dit de plaats om het te noemen.

Terugkijken op wat je geleerd hebt tijdens het schrijven van je scriptie

Dit kan van alles zijn, maar als ‘reflectie’ een apart onderdeel is, gaat het vooral om een terugblik van persoonlijke aard. Voorbeelden zijn:

• je hebt beter leren plannen of je blijkt een sterkere discipline hebben dan gedacht (met een concreet doel, een leuk onderwerp, etc.);

• je hebt gemerkt dat je interviews doen en werken in grote (of kleine) organisaties leuk (of juist niet leuk) vindt, dat je graag alleen werkt (of juist liever in teamverband), etc.

En dan probeer je na te gaan wat deze ‘les’, de reflectie, betekent voor je toekomstige carrière. In wat voor soort werkkring denk je goed te kunnen functioneren? Wat wil je nog bijleren? Waar ga je op letten voor je verdere ontwikkeling?

Daarom is het belangrijk …

Het ‘kunstje’ van je scriptie is het vergelijken van de theorie – datgene wat je hebt geleerd tijdens je opleiding – met de ‘echte wereld’. Herken je wat je hebt geleerd? Wanneer wel of niet? Dit doe je door een onderzoek uit te voeren waarin je beide met elkaar verbindt. Mocht om wat voor reden dan ook het onderzoek niet hebben opgeleverd wat je had gehoopt, dan kun je met een goede discussie (en reflectie) alsnog laten zien dat je heus weet hoe goed onderzoek eruit moet zien. Beschouw dit onderdeel als een schriftelijke beantwoording van vragen die anders toch wel worden gesteld tijdens de verdediging van je scriptie. Daarom is het belangrijk … om je critici vóór te zijn!

ARCHIEF